VERHALEN

Ze was plotseling verschenen met in haar kielzog een monter mannetje. Gezien de enorme cadillac voor onze deur leek het me een rechtgeaarde diva. De geheimzinnigheid rondom dit bezoek werd versterkt door het gefluister van mijn zus. “Dat is Friedl,” zei ze. Ik legde mijn oor te luister terwijl Friedl met een vreemdsoortig accent mijn ouders de hemel in prees. Ineens verordonneerde ze me bij haar te komen. “Hab jij wel eens jemand heuren jodelen jungen,” hoorde ik. Ik moet haar niet begrijpend aangekeken hebben want zonder op antwoord te wachten werd de kamer gevuld met galmend gezang. Aan haar zangkunst was niet te ontkomen en iedere keer weer werd een bezoek van of aan haar ermee verlevendigd. Na een aantal jaren bereikte ons het bittere nieuws dat Friedl voor een trein gesprongen was. Ik heb de relatie tussen mijn ouders en Friedl nooit begrepen. Wel weet ik dat die hecht was. Friedl adoreerde mijn ouders en hun zorgzaamheid voor haar welzijn vergeet ik niet gauw. Omdat het gefluister in ons gezin meerdere aanknopingspunten bood, heb ik het verhaal achter de verschijning van Friedl voorzien van een eigen invulling. In mijn herinnering was Friedl een vluchteling. Nog voor de Duitse bezetting van haar geliefde Oostenrijk bracht haar vlucht haar in ons dorp waar zij opgevangen werd door kennissen van mijn ouders. Was ze joods of behoorde ze tot de Roma? Ik weet het niet; er werd over gezwegen. Haar aanwezigheid in ons dorp kende een vreemd soort vertrouwdheid, alsof ze altijd al onder ons was. Bij ons hoorde als het ware. Ze zette zich in als huishoudelijke hulp en zo kwam ze ook bij ons over de vloer. Het schijnt dat ze mijn moeder heeft ondersteund in aanloop naar mijn geboorte. Haar heimwee naar de bergen was groot maar de liefde voor het montere mannetje hield haar hier. Vijandigheid en oorlog had haar bij ons gebracht. Ze gaf zich over aan haar lot, terwijl dit ten koste ging van haarzelf. Een opoffering waarvan zij zich uit pure nood heeft bevrijd. Treurnis als product van vijandigheid. Tijdens de dodenherdenking stelde onze burgemeester dat we zonder gedeelde geschiedenis, geen gedeelde toekomst hebben. Zij illustreerde dit met woorden van Leo Vroman: Vrede Kom vanavond met verhalen, hoe de oorlog is verdwenen. En herhaal ze duizend malen. Alle malen zal ik wenen. Laat je raken door verhalen zoals dat over Friedl.

Leen