Sofie en Mick zijn twee kinderen uit Oudorp die van alles beleven. Leuk voor ouders of grootouders om voor te lezen aan hun kinderen of kleinkinderen

Voorleesplezier met Sofie en Mick

‘Allemaal opletten,’ zegt juf. ‘We gaan het over de voorjaarsbloemen hebben. Wie weet waar een sneeuwklokje, een narcis, een krokus en een tulp uitgroeien?’ Mick zijn vinger schiet omhoog. ‘Uit een bol juf!’ ‘Heel goed Mick,’ lacht juf. ‘En kijk…ik heb ze meegenomen. Kom allemaal maar kijken.’ Sofie en Mick, Debora, Guus en alle andere kinderen gaan bij juf om de tafel met bollen staan. ‘Kijk, deze witte klokjes zijn…?’

‘Dat zijn sneeuwklokjes juf,’ zegt Sofie. ‘Heel goed,’ zegt juf. ‘En dit paarse bloempje?’

‘Een krokus,’ zegt Debora. ‘Ook goed,’ zegt juf. Zo gaan ze alle bloemen af en eindigen bij de lange rode tulp. Juf heeft weinig aarde in het potje gedaan zodat ze de bollen goed kunnen zien zitten.

‘Zo,’ zegt juf. ‘Nu gaan jullie allemaal weer op je plaats zitten en dan mag je een tekening maken van de bloem en bol die jij het mooiste vindt.’

‘Ik vind ze allemaal mooi juf,’ roept Mick. ‘Dan mag jij ze allemaal tekenen hoor Mick,’ lacht juf.

Het wordt heel stil in de klas. Dat gebeurt niet zo vaak. Je hoort alleen de potloden over het papier gaan. Alle kinderen maken prachtige tekeningen. Als alle kinderen klaar zijn vraagt juf aan Guus en Mick of zij de tekeningen op de deur willen hangen.

‘Tuurlijk!’ zegt Mick stoer. ‘Kom Guus!’ Mick en Guus plakken voorzichtig alle tekening op de deur. Ze plakken de hele deur vol. De één een beetje naar links, de ander een beetje schuin naar rechts. Het ziet er prachtig uit.

‘En nu gaan we naar buiten om de bloemen te bekijken, trek je jas maar aan.’

In de tuin van de school staan heel veel bloemen. Grote groepen paarse, gele en witte krokussen, gele narcissen maar ook witte en rode, roze, gele en oranje tulpen. De sneeuwklokjes zijn alweer uitgebloeid, dat is jammer.

‘Nu weten we hoe alle bloemen heten juf,’ zegt Sofie blij. ‘Mogen we ook bloemen plukken?’ vraagt Mick. ‘Nee Mick, dat doen we niet want dan hebben we een kale tuin. Maar kom allemaal maar hier, dan heb ik een kleine verrassing voor jullie.’

Uit de gang pakt juf een paar bossen met tulpen en narcissen en ze krijgen allemaal een gele narcis en een roze en rode tulp. ‘En nu lekker naar huis,’ zegt juf. ‘Zet ze maar gauw in het water. Tot morgen!’

‘Tot morgen juf,’ roepen Sofie en Mick en samen lopen ze naar huis.

‘Ik ga de bloemen aan mamma geven,’ zegt Sofie. ‘Ik aan de oude buurvrouw,’ zegt Mick. ‘Mamma zegt dat ze erg alleen is dus dan is ze vast blij met een bosje bloemen.’

‘Voor u buurvrouw,’ zegt Mick als de deur opengaat. Hij steekt de bloemen naar voren. ‘Dat is echt heel erg lief van je Mick,’ zegt de buurvrouw heel blij. ‘Ik ga ze gauw in het water zetten. En dan lusten jullie vast wel een snoepje!’ Daar zeggen ze geen nee tegen en met hun mond vol lopen ze naar huis.